RAZA ESPAGNOLA
Het ras bestaat reeds sedert 1931 en had toen de naam "Canari del Pais" (kanarie van het land).
Op het 4e Congreso Nacional de Avicultura te Madrid in 1948 werd deze vogel getoond en werd er een officiële standaard vastgesteld, terwijl tevens de huidige naam werd vast gesteld.
Het ras werd door de COM. erkend in 1956, maar bleek niet voldoende verspreid om zich op wereldniveau te handhaven en al spoedig verdween het ras in de vergetelheid. Ook op het officiële COM. vraagprogramma
kwam het ras niet meer voor.
Door de Spaanse bond AONS werd in juni 1976 gevraagd,
waarom dit ras niet meer op de officiële lijsten voorkwam.
Omdat het een erkend ras was werd besloten het in 1977 weer op te nemen in het COM. vraagprogramma.
Sindsdien blijkt op de COM. wedstrijden deze Spaanse kanarie weer in flinke aantallen aanwezig te zijn.
Opmerkingen
Aangezien we hier duidelijk met een kleine (dwerg)kanarie te doen hebben zullen we vooral qua grootte erg goed moeten opletten dat we zo dicht mogelijk de minimale lengte van 11½ centimeter benaderen. Een te grote vogel zal ook gauw te breed worden en we zien in de standaard dat er een smalle en fijne vogel wordt gevraagd. In dit verband is ook de bevedering belangrijk, omdat een korte en nauw gesloten bevedering de fijne contouren van het lichaam gunstig beïnvloeden. De intensieve exemplaren zullen dan ook het meest de ideale lijn benaderen. Belangrijk is dat de staart duidelijk in een V-vorm eindigd, die vissestaart is een vereiste eigenschap bij dit ras.
De kleur is niet belangrijk, bonte vogels zijn toegestaan. Het is een beweeglijke vogel, die niet makkelijk stil zit, zolang hij niet onrustig/wild fladdert wordt die beweeglijkheid als normaal gezien. Een stand-beeldhouding is dus niet nodig, wel mag de vogel niet te opgericht zitten, maar moet een wat gedrukte houding hebben, te lange dijen geven de indruk van een stelterige houding.
Standaardomschrijving
GROOTTE  25 punten
Maximale lengte 11,5 centimeter.


RUG EN BORST  25 punten
Smalle schouders met een zo vlak mogelijke rug, de borst eveneens zo vlak mogelijk.


KOP EN HALS  10 punten
Een kleine fijne kop in de vorm van een hazelnoot, iets afgevlakt. De hals fijn en dun, duidelijk van het lichaam gescheiden. Een kleine kegelvormige snavel.


VLEUGELS EN STAART  10 punten
De vleugels goed gesloten en niet te lang. De staart middelmatig van lengte en gevorkt. (een z.g. vissenstaart)


POTEN  10 punten
Loopbeen vrij kort (14 mm.), de dijen nauwelijks zichtbaar, korte teentjes.


BEVEDERING  10 punten

Glad en glanzend, goed aansluitend aan het lichaam.


HOUDING  5 punten
Enigszins gedrukt, ongeveer een hoek van 45° vormend met het horizontaal. Een levendige vogel,
maar beslist niet wild.


CONDITIE EN KLEUR  5 punten
Gezond, zuiver en goed verzorgd. Met uitzondering van rood, zijn alle kleuren inclusief  bont toe-gestaan, kleur gelijkmatig en helder.