MAKIGE FRISÉ
Hoewel dit friséras internationaal nog niet erkend is, hebben de Nederlandse vogelbonden de Makige met ingang van 1993 wel op hun vraagprogramma geplaatst, om het ras daardoor sneller erkend te krijgen. Vandaar dat wij het ook nu reeds in ons kweekboek opnemen.
De Makige is een krulveerkanarie die we wel tot de zwart frisées kunnen rekenen. De vogel heeft over bijna heel het lichaam krullende veren, de enige uitzondering hierop vormen de kop en de hals die glad bevederd moeten zijn. Behalve op de keel daar vinden we bij de makige een van de kenmerkende eigenschappen voor dit ras, namelijk de naar buiten krullende keelveren. Met een duidelijke scheiding in het midden moeten deze, redelijk lange, veren naar buiten krullen.
Dit in tegenstelling tot de borst- en buikkrulveren die juist vanaf de zijkanten naar het midden moeten krullen. Ook het onderlichaam moet dus krulveren hebben, de buikveren moeten als gevouwen handen naar elkaar toe krullen. Ook de dijen moeten voorzien zijn van krullende bevedering, die dijen zijn vrij lang en beginnen vanaf het midden van het lichaam. Juist de los bevederde dijen zijn belangrijk omdat deze de vogels het brede uiterlijk geven wat voor dit ras zo kenmerkend is. Ook de flankkrulveren zijn verantwoordelijk voor dat brede uiterlijk. Hoewel die flanken niet zo ver uitstaan moeten ze toch overvloedig aanwezig zijn en dan dicht tegen het lichaam sterk naar boven krullen, om dan goed aan te sluiten met de rug en schouderkrulveren die bij deze vogels ook erg hoog beginnen.

STANDAARDOMSCHRIJVING
HOUDING  20 punten

Opgerichte en krachtige houding. Schouders, rug en staart in een bijna rechte lijn, slechts een zeer lichte ronding naar binnen is toegestaan. Poten volledig gestrekt, breed uit elkaar staand.


KOP en HALS  10 punten

Kop klein en rond, glad bevederd. Hals middelmatig van lengte, naar voren gestrekt, glad bevederd, met uitzondering van de keel die voorzien is van overvloedig naar buiten krullende bevedering, met een duidelijke scheiding in het midden vanaf de snavelbasis, tot aan de borstkrulveren.



MANTEL  10 punten

Lange krulveren, zo hoog mogelijk op de schouders beginnend. Naar beide zijden krullend, met een rechte scheiding in het midden.


FLANK- en DIJKRULVEREN  10 punten

Flankkrulveren beginnen juist boven de dijen, vrij dicht tegen het lichaan in de richting van de schouders krullend. De dijen goed bevederd, met naar buiten krullende bevedering.


BORST- en BUIKKRULVEREN  10 punten

De borstkrulveren vanaf de zijkanten naar elkaar toe krullend in
de vorm van een kelk. De buikbevedering naar elkaar toekrullend
als gevouwen handen.


POTEN en DIJEN  10 punten


Het loopbeen vrij kort, dijen lang en breed, zichtbaar vanaf het
midden van het lichaam. De poten stijf gestrekt, tenen in een
stevige greep om de zitstok.


OMTREK  10 punten

Zowel van voren, als van achteren bezien heeft de lichaamsomtrek duidelijk de vorm van een rechthoek.

GROOTTE  10 punten  Lengte minimaal 17 centimeter.

VLEUGELS en STAART  5 punten  Staart vrij lang en breed. Vleugels lang, mogen licht kruisen.

CONDITIE  5 punten  Gezond, zuiver en goed verzorgd. Alle kleuren, inclusief rood zijn toegestaan.
De krulbevedering moet zodanig zijn dat, van voren of van achterbekeken, de omtrek van de vogel duide-
lijk een rechthoek wordt. Daarvoor is het nodig dat de poten ver uit elkaar staan, zodat de dijkrulveren op een lijn komen met de rugkrulveren.
De breed uit elkaar staande poten is dan ook een van de karakteristieke eigenschappen van de Makige.
De poten zijn volledig gestrekt en de tenen moeten daarbij dan stevig om de zitstok klemmen, zodat de vogel zich trots en stevig wijdbeens met rechte rug presenteert.
De Makige is een vrij grote vogel die minimaal 17 cm moet zijn maar beter nog wat groter is.